Heeft kinderalimentatie voorrang boven partneralimentatie?

Heeft kinderalimentatie voorrang boven partneralimentatie?

Uit een huwelijk kan, na echtscheiding, de situatie ontstaan, dat er behoefte is, aan een bijdrage in het levensonderhoud van de ex-partner, dit noemen we partneralimentatie. Is er ook sprake van kinderen, dan moeten deze ook in hun onderhoud worden voorzien, de zogenaamde kinderalimentatie. Heeft de bijdrage aan de kinderen voorrang?

 

Draagkracht

De uiteindelijk te betalen kinder- en/of partneralimentatie staat en valt bij de draagkracht van de onderhoudsplichtige. De alimentatieplichtige zal nooit meer alimentatie betalen, dan dat hij op basis van zijn draagkracht kan missen.

 

Draagkrachtberekening.

De maximale draagkracht wordt berekend, middels een zogenaamde draagkrachtberekening en is afhankelijk van het inkomen, de financiële verplichtingen, de woonlasten en eventuele belastingvoordelen, met andere woorden, de  zogenaamde lasten.

 

Noodzakelijke lasten

Bij de berekening van de draagkracht, voor kinderalimentatie, word gekeken naar het inkomen en de noodzakelijke lasten. De noodzakelijke lasten zijn lasten, die ten opzichte van het kind, als redelijk worden gezien. (Hieronder vallen bijvoorbeeld de aflossingen op huwelijkse schulden, de woonlasten en de premie ZVW.)

 

Kinderalimentatie

Uit de berekening, waarbij slechts rekening wordt gehouden met de noodzakelijke lasten , zal een bedrag volgen, wat de onderhoudsplichtige maximaal, per maand, kan missen, om bij te dragen in het levensonderhoud van de kinderen: de kinderalimentatie.

 

Draagkracht partneralimentatie

Om te bezien of de onderhoudsplichtige ook nog kan voorzien in een bijdrage in het levensonderhoud, van de ex-partner (de partneralimentatie), zal wederom een draagkrachtberekening gemaakt moeten worden.

.

Voorrang

Uit de “Wet bevordering voortgezet ouderschap en zorgvuldige scheiding” volgt, dat de bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen (jonger dan 21 jaar)  voorrang heeft boven een eventuele bijdrage in het levensonderhoud naar de ex-partner toe.

 

Onvoldoende draagkracht voor partneralimentatie

Wanneer er een verplichting tot betaling van kinderalimentatie bestaat, heeft dit dus gevolgen voor de beschikbare draagkracht, voor het betalen van partneralimentatie. De praktijk leert ons dan ook, dat de draagkracht van de alimentatieplichtige, vaak onvoldoende is, om zowel aan de verplichtingen van kinderalimentatie, als de partneralimentatie te voldoen.

 

Een logisch gevolg van het feit, dat kinderalimentatie voorrang heeft boven partneralimentatie, de koek kan immers maar één keer verdeeld worden!

 

Meer informatie?

Voor meer informatie over bovenstaand onderwerp, kunt u contact opnemen met de advocaten van Echtscheidingservice, of stel uw vraag via onderstaande knop ‘Stel uw vraag’, een advocaat zal deze vraag vervolgens, zo spoedig mogelijk, beantwoorden.

 

 

Stel uw vraag!

Echtscheiding en de Belastingdienst

Echtscheiding en de Belastingdienst.

 

Een echtscheiding, of het uit elkaar gaan van partners kan verschillende gevolgen hebben, voor zowel de inkomstenbelasting, als voor toeslagen. De belangrijkste fiscale gevolgen heeft de Belastingdienst op een rijtje gezet op haar site.

Onderwerpen die van belang kunnen zijn, staan overzichtelijk bij elkaar op de site van de Belastingdienst.

  • Zo is snel het volgende na te gaan:
  • wat direct na het uit elkaar gaan moet worden geregeld;
  • hoe het zit met toeslagen;
  • wanneer fiscaal partnerschap eindigt;
  • hoe het zit met alimentatie;
  • of iemand recht heeft op een heffingskorting voor kinderen en;
  • wat in de inkomstenbelasting de fiscale gevolgen van een echtscheiding zijn op de persoonlijke situatie.

Onderstaand heb ik een aantal belangrijke punten eruit gelicht, voor verdere informatie is het raadzaam om de site van de Belastingdienst te raadplegen.

 

Fiscaal partnerschap

Was u getrouwd of had u een geregistreerd partnerschap? Dan bent u geen fiscale partners meer als u aan de volgende 2 voorwaarden voldoet:

  1. U hebt een verzoek gedaan tot scheiding of om uw geregistreerd partnerschap te laten ontbinden.
  2. U staat niet meer samen op hetzelfde adres ingeschreven bij de gemeente.

 

Woonde u samen en was u fiscale partners?

Dan bent u geen fiscale partners meer vanaf het moment dat u niet meer op hetzelfde adres staat ingeschreven bij de gemeente.

 

Gaat u tijdens het jaar uit elkaar?

Dan kunt u er voor dat jaar voor kiezen om het hele jaar als fiscale partners te worden beschouwd. U vult dan uw aangifte anders in.

 

Alimentatie

Betaalt u alimentatie voor uw ex-partner? Of woont uw ex-partner in een eigen woning die (deels) uw eigendom is?

Dan kunt u de betaalde alimentatie en andere kosten van uw onderhoudsverplichtingen in uw aangifte aftrekken.

 

Betaalt u alimentatie voor uw kinderen?

Als u voldoet aan de voorwaarden, mag u dit in uw aangifte aftrekken als levensonderhoud voor kinderen jonger dan 21 jaar.

 

Ontvangt u voor uzelf alimentatie? Of woont u in een eigen woning die (deels) eigendom is van uw ex-partner?

Dan hebt u alimentatie ontvangen. Dit moet u in uw aangifte opgeven als inkomen.

 

Gaat u uit elkaar en hebt u een kind?

Dan heeft u misschien recht op een inkomensafhankelijke combinatiekorting, of een alleenstaande ouder korting. U kunt hiervoor de rekenhulp van de Belastingdienst raadplegen.

 

Voorlopige aanslag

Krijgt u een voorlopige aanslag? Pas deze dan zo snel mogelijk aan uw nieuwe situatie aan. Zo voorkomt u dat u later bij moet betalen, of dat u nu te weinig terugkrijgt.

 

Toeslagen

Krijgt u een toeslag? Dan moet u daarvoor misschien een wijziging doorgeven.

 

Verhuizing

Als u verhuist, moet u dit doorgeven aan de gemeente. De Belastingdienst krijgt deze informatie vervolgens weer van uw gemeente.

 

Al met al zaken waar U rekening mee moet houden, wanneer U gaat scheiden! Het is dan ook raadzaam om deze zaken goed te regelen, om te voorkomen, dat u achteraf in de problemen komt.

 

Meer informatie?

Voor meer informatie over bovenstaand onderwerpen, kunt u contact opnemen met de advocaten van Echtscheidingservice, of stel uw vraag via onderstaande knop. Een echtscheidingsadvocaat zal deze vraag vervolgens zo snel mogelijk beantwoorden.

Stel uw vraag!

 

 

 

 

Schelden, moordpoging, zelfmoordpoging, geen alimentatieplicht?

Schelden, moordpoging, zelfmoordpoging, geen alimentatieplicht?

echtscheiding, alimentatie

Lotsverbondenheid

Het recht op partneralimentatie ontstaat als u gaat scheiden en zelf over onvoldoende financiële middelen beschikt. De basis van dat recht is het huwelijk en de lotsverbondenheid die tijdens het huwelijk is ontstaan.

Wanneer men zich echter, ten opzichte van de ex-partner, misdraagt, kan dit ertoe leiden, dat de lotsverbondenheid doorbroken wordt, waardoor niet langer van de ex partner verlangd kan worden, dat deze nog alimentatie betaalt.

 

Hof Arnhem

Zo heeft ook het hof Arnhem bepaald in oktober 2013. De rechtbank had, in dit geval, eerder vastgesteld dat de man partneralimentatie, ten behoeve van de vrouw, diende te betalen. De man was het hier niet mee eens en ging tegen deze beslissing in beroep.

Grievend

Hij stelde dat de vrouw zich, gedurende het huwelijk en daarna, zodanig grievend jegens, in het bijzonder hem, de kinderen en zijn (schoon)familie had gedragen dat de lotsverbondenheid verloren was gegaan.

Oordeel Hof

Het hof oordeelde, dat bij de beantwoording van de vraag, of er sprake is, van een plicht tot het meebetalen in levensonderhoud, van de ex-partner, inderdaad ook niet financiële factoren, zoals bijvoorbeeld grievend gedrag, een rol kunnen spelen.

 

Uitzonderlijke gevallen

Het hof was van oordeel, dat in uitzonderlijke gevallen, grievend gedrag van één van de ex-echtgenoten, ten opzichte van de ander, tot de conclusie kan leiden, dat aan iedere lotsverbondenheid tussen de gewezen echtgenoten een einde is gekomen, waardoor geoordeeld kan worden dat betaling van een uitkering tot levensonderhoud in redelijkheid niet kan worden gevergd.

Terughoudendheid

In het algemeen geldt echter wel dat bij de beoordeling in een concreet geval, of een zodanige situatie zich voordoet, terughoudendheid dient te worden betracht, dit mede gelet op het onherroepelijke karakter van zo’n beëindiging.

Emoties

Voorts dient bedacht te worden dat het, op zichzelf, niet ongebruikelijk is, dat een echtscheiding gepaard gaat met de nodige emoties. Niet iedere vorm van grievend gedrag is dan ook aanleiding om de onderhoudsverplichting te beëindigen, aldus het Hof

Kwaad daglicht

In dit specifieke geval was echter gebleken is dat de vrouw, de man, in een zeer kwaad daglicht had gesteld en zij, onder meer de kinderen van partijen, op ontoelaatbare en stuitende wijze, in de strijd tussen partijen had betrokken.

Uitschelden

Daarnaast was er sprake van van talloze stukken waarin de vrouw de man uitschold en vele brieven aan de kinderen, waarin zij zich jegens de man, buitengewoon kwetsend en respectloos uitliet.

Geen alimentatieplicht

De rechtbank was, gezien deze feiten, dan ook van oordeel, dat van de man in redelijkheid niet gevergd kon worden, dat hij een bijdrage leverde aan de kosten van levensonderhoud van de vrouw. Door haar kwetsende en grievende gedrag, was van enige lotsverbondenheid geen sprake meer. Het hof legde daarom aan de man geen alimentatieverplichting op.

Poging tot moord

Ook een poging tot moord kan een einde maken aan de lotsverbondenheid en alimentatieplicht.

In een Amsterdamse zaak (2007) liepen, tijdens de echtscheiding, de emoties bij de vrouw zo hoog op, dat zij haar man ernstig verwondde met een mes. De vrouw werd veroordeeld tot een gevangenisstraf, van zes jaar, wegens poging tot moord. Het verzoek van de man, om op basis van die omstandigheden geen alimentatie meer te hoeven betalen, werd door de rechter toegewezen.

Zelfmoordpoging

Een zelfmoordpoging werd door de rechtbank daarentegen niet aangemerkt als een situatie waarin er geen sprake meer zou zijn van lotsverbondenheid.

Arbeidsongeschikt

De man ondernam een zelfmoordpoging, waarbij hij, door een sprong van de derde verdieping, ernstig gewond raakte. Door zijn verwondingen was de man arbeidsongeschikt geraakt, waardoor hij aanspraak maakte op partneralimentatie.

Onder druk zetten

Volgens de vrouw was de man gesprongen, met de bedoeling de vrouw onder druk te zetten, om de echtscheiding niet door te zetten. Door dit handelen van de man was er, volgens de vrouw, geen sprake meer van lotsverbondenheid.

Onderhoudsverplichting niet beëindigd

De man weersprak dit. Volgens de rechtbank stond ook niet vast, dat de man had geprobeerd zelfmoord te plegen, om de vrouw onder druk te zetten. De rechtbank was dan ook van oordeel, dat de zelfmoordpoging, van de man, de lotsverbondenheid niet had doorbroken en zag geen aanleiding om de onderhoudsverplichting te beëindigen.

Vragen?

 

Mocht U vragen hebben met betrekking tot bovenstaande, of mocht U zich met een ander juridisch probleem geconfronteerd zien. Neem dan vrijblijvend contact met ons op: 0475 419 419, of stel uw vraag, middels onderstaande button.

 

Stel uw vraag!

 

Samenwonen met nieuwe partner is meestal geen reden voor beëindiging alimentatie.

Samenwonen met nieuwe partner is meestal geen reden voor beëindiging alimentatie.

In het Burgerlijk Wetboek is in artikel 160 van boek 1 (1:160 BW) bepaald, dat de aanspraak op alimentatie eindigt, als diegene die alimentatie ontvangt (alimentatiegerechtigde) met een ander in het huwelijk treedt, of een geregistreerd partnerschap aangaat, of als de alimentatiegerechtigde met de ander gaat samenwonen “als waren zij gehuwd”.

echtscheiding, alimentatie

‘samenwonen als waren zij gehuwd’

Als de ex partner opnieuw in het huwelijk treedt of een geregistreerd partnerschap is aangaat is dit natuurlijk eenvoudig aan te tonen. Echter, van ‘samenwonen als waren zij gehuwd’ is niet snel sprake, zoals blijkt uit de lijn die de Hoge Raad hierin volgt.

Vanwege het uitzonderlijke en definitieve karakter van de beëindiging van de alimentatieaanspraak, mag namelijk niet te snel worden aangenomen dat er sprake is van “samenwonen als waren zij gehuwd” en dat daarmee is voldaan, aan de eisen voor de beëindiging van de verplichting tot alimentatiebetaling

 

Samenwonen met (nog) gehuwde partner

In een recent arrest van de Hoge Raad was er sprake van een bijzondere situatie. De alimentatiegerechtigde vrouw, woonde samen met een  nieuwe partner, die zelf nog gehuwd was. (HR 20 december 2013, ECLI:NL:HR:2013:2058)

 

Verzoek afgewezen

De man verzocht, in eerste instantie, de rechtbank, om de alimentatieverplichting stop te zetten omdat, volgens hem, zijn vrouw en haar nieuwe partner “samenwoonden als waren zij gehuwd”. Omdat de nieuwe partner van de vrouw echter zelf nog getrouwd was, zag de rechtbank hierin reden om het verzoek van de man af te wijzen.

Hoger beroep

De man neemt geen genoegen met deze uitspraak van de rechtbank en gaat in hoger beroep. Het hof stelt de man in het gelijk en laat hierbij meewegen dat het huwelijk van de nieuwe partner opzettelijk in stand zou worden gelaten om de alimentatieaanspraak te behouden.

 

Hoge Raad

De Hoge Raad vernietigt echter dit oordeel. De Hoge Raad stelt voorop dat “het samenleven met een gehuwde partner niet valt onder art. 1:160 BW zolang diens huwelijk voortduurt.” Het feit het huwelijk van de ander in stand wordt gelaten, met de bedoeling ervoor te zorgen dat er nog steeds aanspraak op alimentatie kan worden gemaakt, verandert hier volgens de Hoge Raad niets aan!

De Hoge Raad is van mening dat wanneer deze omstandigheid wel zou worden betiteld als “samenwonen als waren zij gehuwd” dit tot gevolg zou hebben dat art. 1:160 BW  van toepassing zou zijn. Dit zou dan weer leiden tot het ingrijpende gevolg dat de alimentatieplicht definitief komt te vervallen. De positie van de alimentatiegerechtigde vrouw ten opzichte van haar nieuwe (nog gehuwde) partner, verschilt echter wezenlijk van die in een huwelijk, aldus de Hoge Raad. (De nieuwe partner is immers nog gehuwd).

 

Conclusie

De lijn van de Hoge Raad is duidelijk: Het samenwonen, met een gehuwde partner, kan niet worden aangemerkt als “samenwonen als waren men gehuwd” en valt dan ook niet onder het bereik van art. 1:160 BW. Dit houdt in dat deze vorm van samenwonen dan ook geen grond is voor de beeïndiging van de alimentatie. De omstandigheid dat een huwelijk, van de nieuwe partner,  louter en alleen in stand wordt gehouden, om de alimentatieaanspraak te behouden, maakt dat niet anders.

 

Meer informatie?

Mocht U vragen hebben met betrekking tot bovenstaande, of mocht U zich met een ander juridisch probleem geconfronteerd zien. Neem dan vrijblijvend contact met ons op: 0475 419 419, of stel uw vraag, middels onderstaande button.

 

Stel uw vraag!

 

 

Voorlopige voorzieningen bij echtscheiding

Voorlopige voorzieningen bij echtscheiding

Wanneer U, of uw partner, of u beiden, heeft besloten te scheiden is dit het begin van een grote verandering. Uiteindelijk is het doel dat u beiden uit elkaar gaat, maar dit is meestal nog niet zo snel en eenvoudig geregeld!

echtscheiding, alimentatie, voorlopige voorziening

Niet snel geregeld

 

Een scheidingsprocedure kost tamelijk veel tijd. Het duurt in de regel minstens drie maanden voordat er een uitspraak over uw scheiding is, wanneer u niet meer op goede voet bent met uw partner en de echtscheiding dreigt een vechtscheiding te worden, kan dit zelfs wel oplopen tot een jaar.

 

Praktische problemen

 

De eerste stap is genomen maar hoe vult u dit nu praktisch in? U wordt geconfronteerd met een hele hoop vragen: Blijft u samen onder één dak wonen gedurende de echtscheidingsprocedure of moet één van de partners de woning verlaten? En hoe regelt u dit financieel? Blijft de vertrekkende partner bijdragen in de de kosten van uw levensonderhoud ? Bij wie blijven de kinderen wonen? Draagt de partner bij in de kosten van de kinderen?

 

Voorlopige voorziening

 

De ideaal-situatie is natuurlijk dat de partners hier, in goed onderling overleg, samen uitkomen. Vaak is dit echter niet zo. In deze gevallen, dat er tijdens de scheiding dingen geregeld moeten worden die niet langer op zich kunnen laten wachten, kan men de rechter vragen, om een snelle beslissing te nemen. Zo’n procedure wordt een “voorlopige voorziening” genoemd.

 

Procedure

 

De procedure voor een voorlopige voorziening begint met een verzoekschrift, ingediend door een advocaat. Op korte termijn na indiening van het verzoek, wordt de zaak op zitting behandeld door de rechter. Op deze zitting zullen de advocaten, van beide partijen, het standpunt van hun cliënten aan de rechter duidelijk maken.

 

Bindende kracht

 

De rechter beslist zo spoedig mogelijk na de zitting. Deze uitspraak heeft bindende kracht en de partijen moeten zich daar dus aan houden. Partijen kunnen niet in hoger beroep gaan tegen een voorlopige voorziening. Wel is het mogelijk om – wanneer de situatie wijzigt tijdens de scheidingsprocedure – een wijziging aan te vragen.

 

Geldigheidsduur

 

De beslissing van de rechtbank is, zoals de naam al zegt, slechts een voorlopige voorziening: de geldigheidsduur van deze beslissing is beperkt. Binnen vier weken na het indienen van het verzoek tot voorlopige voorzieningen moet dan ook een verzoek tot echtscheiding zijn ingediend. Doet men dat niet, dan verliest de beslissing zijn kracht. Wordt wel binnen 4 weken een verzoek tot echtscheiding ingediend bij de rechtbank, dan blijven de opgelegde voorlopige voorzieningen gelden, tot de beslissingen in de hoofdprocedure van kracht zijn geworden.

 

Meer informatie?

Wenst u meer informatie over bovenstaand onderwerp, dan kunt u contact opnemen met de advocaten van Echtscheidingservice. Ook kunt u uw vraag stellen via onderstaande knop. Een van de echtscheidingsadvocaten zal deze vraag vervolgens zo snel mogelijk beantwoorden.

 

Stel uw vraag!

 

 

 

Afkopen van de partneralimentatie?

Afkopen van de partneralimentatie?

 

Wanneer je gaat scheiden, wil je meestal het liefst zo snel mogelijk een streep onder het verleden zetten. Door de verplichting tot betaling van de maandelijkse partneralimentatie zit je echter nog jaren vast aan je ex-partner.

echtscheiding.alimentatie

Afkopen in plaats van maandelijkse betalingen

In plaats van de maandelijkse betalingen kun je er dan ook voor kiezen de alimentatie af te kopen. (Dat is alleen mogelijk met partneralimentatie, kinderalimentatie kun je niet afkopen). De afspraken over het afkopen van de alimentatie worden vastgelegd in het echtscheidingsconvenant.

 .

Twee manieren

Men kan op twee manieren de partneralimentatie afkopen: door middel van overbedeling of een eenmalige afkoopsom.

 

Overbedeling

Bij het afkopen van de alimentatie met overbedeling, wordt de gehele inboedel toegewezen aan de ex-partner. De alimentatiebetaler krijgt dan niets uit de inboedel. Ook kan er voor worden gekozen de gehele waarde van de polis van een levensverzekering of de volledige overwaarde van de woning aan de alimentatieontvangende partner toe te bedelen.

.

Afkoopsom

Een andere optie is dat de alimentatiebetalende partner zijn of haar ex-partner een eenmalige geldsom betaalt. Deze afkoopsom is vaak gebaseerd op de hoogte en duur van de partneralimentatie.

.

Meerdere mogelijkheden

Er zijn overigens meerdere varianten mogelijk. Zo kan bijvoorbeeld een gezamenlijke schuld geheel op naam van één van de partners gezet worden, in ruil voor het afzien van partneralimentatie.

 

 

Voordelen

 

Niet meer verbonden.

Het grootste voordeel van alimentatie afkopen is, dat je niet meer (financieel) aan elkaar verbonden bent en niet elke maand weer wordt geconfronteerd met het feit, dat je gescheiden bent.

.

Meer verdienen, betekent niet meer alimentatie

Ook in het licht van toekomstige ontwikkelingen kan het gunstig zijn om de alimentatie in één keer af te kopen. Immers, indien de alimentatieplichtige in de toekomst meer gaat verdienen, hoeft hij/ of zij  niet meer alimentatie te betalen. Een situatie die bij het maandelijks betalen van de partneralimentatie wel het geval is.

.

 

Nadelen

 

Geen herziening mogelijk

Er zitten ook nadelen aan het afkopen van alimentatie. Een belangrijk nadeel van het afkopen van alimentatie is, dat er geen toekomstige herziening van het alimentatiebedrag meer mogelijk is.

 

Stel dat de alimentatie voor een periode van tien jaar is afgekocht. Als de alimentatie-ontvanger na twee jaar opnieuw trouwt of gaat samenwonen, als ware men gehuwd, dan zou de alimentieplichtige, indien de alimentatie niet was afgekocht,  niet meer verplicht zijn geweest tot betaling van partneralimentatie. Nu de alimentatiebetaler het volledige bedrag heeft afgekocht, heeft hij, of zij, in principe voor een periode van acht jaar te veel alimentatie betaald.

 

Rentenadeel

Bovendien heeft de alimentatiebetaler, in het geval van de afkoopsom, een rentenadeel, omdat hij of zij, in één klap, een groot deel van het vermogen kwijt is. Dit nadeel kan echter in de betaling verdisconteerd worden.

 

Bijstand

Indien de de alimentatiegerechtigde binnen twaalf jaar na het afkopen van de alimentatie een bijstandsuitkering aanvraagt, kan de gemeente de verleende bijstand verhalen op de alimentatieplichtige. Ondanks de afkoop geldt de onderhoudsplicht nog steeds! De gemeente hoeft namelijk geen rekening te houden met de onderlinge afspraken tussen de ex-partners.

 

Adviseren

Zoals beschreven zitten er dus voor- en nadelen aan het afkopen van alimentatie en is dit dan ook een beslissing die niet lichtvaardig genomen moet worden. Een advocaat kan U in dezen adviseren zodat U tot een weloverwogen beslissing kunt komen.

 

Meer informatie?

Voor meer informatie over bovenstaand onderwerp, kunt u contact opnemen met de advocaten van Echtscheidingservice, of stel uw vraag via de onderstaande knop. Een echtscheidingsadvocaat zal deze vraag vervolgens zo snel mogelijk beantwoorden.

 

Stel uw vraag!

 

 

 

De wettelijke indexering alimentatie voor 2014 bedraagt 0,9%.

De wettelijke indexering alimentatie, voor 2014, bedraagt 0,9%.

 

Jaarlijks aangepast

Jaarlijks worden de vastgestelde alimentatiebedragen aangepast (geïndexeerd). Dit is in de wet vastgelegd in artikel 1:402a BW. De minister van Justitie stelt elk jaar in november daarvoor een percentage vast. Dit percentage wordt in de Staatscourant gepubliceerd. Met dit percentage wijzigen van rechtswege alle vastgestelde alimentatiebedragen op 1 januari van het jaar daarop (indexering).

alimentatie.indexering

Indexering 2014

De vastgestelde bijdragen in het levensonderhoud worden met ingang van 1 januari 2014 van rechtswege verhoogd met 0,9%, tenzij de wettelijke indexering is uitgesloten. Dat heeft staatssecretaris Fred Teeven (Veiligheid en Justitie) op 25 oktober jl. bekendgemaakt.

(Voor 2013 bedroeg de wettelijke indexering 1,7%.)

 

Meer informatie.

Voor meer informatie over bovenstaand onderwerp, kunt u contact opnemen met een van de advocaten van Echtscheidingservice, of stel uw vraag via de onderstaande knop. Een van onze echtscheidingsadvocaten zal deze vraag vervolgens zo snel mogelijk beantwoorden.

 

Stel uw vraag!

 

 

Jongen (7), “Ontvoerd” door John van Den Heuvel, moet terug naar Paramaribo.

Jongen (7), “Ontvoerd” door John van Den Heuvel, moet terug naar Paramaribo.

 

Het 7-jarig jongetje, dat door zijn vader, samen met presentator John van den Heuvel, van het RTL-programma “Ontvoerd”, was meegenomen, vanuit Paramaribo, naar Nederland, moet teruggebracht worden naar zijn grootouders in Suriname, dit heeft de  voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam in haar uitspraak van 16 oktober j.l. bepaald.

 

Moeder overleden

De inmiddels overleden moeder van de jongen nam haar zoontje, 3 jaar geleden, mee naar Suriname, waar de grootouders nu voor hem zorgen. De vader en de familie van de moeder hebben al enkele jaren geprocedeerd over de voogdij van de jongen.

 

Surinaamse rechter

De Surinaamse rechter had reeds bepaald, dat de jongen aan zijn opa en oma toevertrouwd moest worden, totdat over de voogdij definitief zou zijn beslist.

 

Inmiddels is het verzoek, van de grootouders, om met de voogdij te worden belast, afgewezen. Echter, de grootouders hebben hiertegen hoger beroep ingesteld.

 

Niet onherroeppelijk beslist

Inmiddels had de vader, in Nederland, het eenhoofdig gezag over zijn zoon gekregen. Echter ook in deze zaak is hoger beroep ingesteld, nadat de Hoge Raad de eerdere toekenning van het gezag aan de vader door het hof, heeft vernietigd.  Bij deze stand van zaken, moet er dan ook vanuit worden gegaan, dat noch in Nederland, noch in Suriname, onherroepelijk ten aanzien van het gezag, of de voogdij, over de jongen is beslist.

 

Voorlopige voorziening in stand gebleven

Nu de voogdijbeslissing in Suriname nog niet onherroepelijk geworden is, is een voorlopige voorziening, die door de kantonrechter, hangende de voogdijprocedure is getroffen, onverkort in stand gebleven.

 

Grootouders hebben primair zeggenschap

Hierdoor heeft als uitgangspunt te gelden dat de jongen nog steeds aan de zorg van de grootouders is toevertrouwd en dat zij primair zeggenschap hebben over zijn verzorging, opvoeding en verblijfplaats.

 

Ontoelaatbare eigenrichting

Ondanks dit gegeven, is de vader toch naar Suriname gegaan en heeft zijn zoontje naar Nederland meegenomen. De voorzieningenrechter noemt dit “ontoelaatbare eigenrichting” en acht dit niet in het belang van het kind.

 

Op onzorgvuldige en schokkende wijze meegenomen

Door hem, zonder dat hij daarop deugdelijk was voorbereid, op ondoordachte, onzorgvuldige en schokkende wijze, uit zijn vertrouwde en veilige leefomgeving, weg te halen en mee te voeren naar een voor hem nagenoeg onbekend land, heeft de vader geen rekening gehouden met de traumatische gevolgen die dit alles voor de jongen mee kan brengen en hem schade toegebracht, aldus de rechtbank in haar uitspraak.

 

Terug naar opa en oma

De rechter heeft dan ook bepaald dat de jongen binnen een week aan zijn grootouders moet worden afgegeven, een en ander in samenwerking met de Raad voor de Kinderbescherming

 

Bron: ECLI:NL:RBROT:2013:8128

 

Meer informatie?

Voor meer informatie over voogdij en gezag, of andere familierechtelijke vraagstukken, kunt u contact opnemen met een van de advocaten van Echtscheidingservice, of stel uw vraag via de onderstaande knop. Wij zullen deze vraag vervolgens zo snel mogelijk beantwoorden.

 

Stel uw vraag!

 

 

Wanneer bent u daadwerkelijk gescheiden?

Wanneer bent u daadwerkelijk gescheiden?

 

In mijn praktijk merk ik dat cliënten vaak in de, foutieve, veronderstelling zijn, dat op het moment dat ze de echtscheidingsbeschikking van de rechtbank hebben ontvangen, de scheiding een feit is, dit is onjuist!

 

Géén rechtskracht

Artikel 1:163 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek bepaalt, dat het huwelijk pas is ontbonden, door inschrijving van de beschikking, in de daartoe bestemde registers. Een echtscheidingsbeschikking heeft dan ook geen rechtskracht, zolang zij nog niet is ingeschreven.

 

Vermelding op huwelijksakte

Uw advocaat zal de beschikking moeten opsturen naar de burgerlijke stand van de gemeente waar u getrouwd bent. Daar zal de ambtenaar van de burgerlijke stand zorg dragen voor de toevoeging, van de vermelding dat u gescheiden bent, aan de huwelijksakte.

 

Inschrijving binnen zes maanden

De inschrijving moet echter worden verzocht, uiterlijk zes maanden, na de dag waarop de beschikking in kracht van gewijsde is (onherroepelijk is geworden) gegaan, want anders verliest de beschikking haar kracht (art. 1:163 lid 3 BW). Dit betekent dan ook dat moet vaststaan dat de beschikking onherroepelijk is geworden. Mat andere woorden, dat er geen hoger beroep en cassatie meer kunnen worden ingesteld.

 

Akte van berusting

Men hoeft hierbij niet af te wachten tot de termijnen voor het instellen van een hoger beroep zijn verlopen. De verweerder, in een procedure waarbij een eenzijdig tot echtscheiding is ingediend, of beide partijen indien er sprake is van een gezamenlijk verzoek tot echtscheiding, kunnen een zogenaamde “akte van berusting” ondertekenen. Hierin wordt verklaard dat er geen rechtsmiddelen zullen worden ingesteld.

 

Daad van berusting

Ook zonder een akte van berusting kan het recht op hoger beroep opgegeven worden, namelijk door een daad van berusting te verrichten. Een voorbeeld van een daad van berusting is het indienen van een verzoek tot inschrijving, van de echtscheidingsbeschikking, bij de burgerlijke stand.

 

Hoger beroep

Bij weigering tot ondertekening van een akte van berusting door één van beide partijen, kan de echtscheiding pas worden ingeschreven nadat de termijn om hoger beroep in te stellen, (3 maanden) verstreken is. De termijn om hoger beroep in te stellen gaat lopen, op het moment dat de partij heeft kennisgenomen van de echtscheidingsbeschikking.

 

Meer informatie?

Mocht u vragen hebben over het verloop van een echtscheidingsprocedure, dan kunt u vrijblijvend contact met ons opnemen, of stel uw vraag via onderstaande knop, een van onze advocaten neemt dan contact met u op.

 

Stel uw vraag!

 

Artikel    backlinks

 

 

Inkomensstijging na scheiding, meer partneralimentatie betalen?

Inkomensstijging na scheiding, meer partneralimentatie betalen?

 

Na uw scheiding bent u meer gaan verdienen. De vastgestelde partneralimentatie is, destijds, bij de scheiding gebaseerd, op het inkomen dat u, ten tijde van de scheiding, genereerde. Betekent deze loonstijging nu automatisch dat u meer alimentatie moet betalen?

 

Wijziging van omstandigheden

Art. 1:401 lid 1 BW bepaalt dat de rechter, een door de rechter vastgestelde, of door partijen overeengekomen alimentatie, kan wijzigen als blijkt dat deze, door een wijziging van omstandigheden, niet meer aan de maatstaven voldoet.

 

Relevante wijziging

Het moet gaan om een relevante wijziging van omstandigheden en daarvan is sprake, als zij leidt tot een verandering in de behoefte, aan de zijde van de alimentatiegerechtigde, dan wel tot een verandering in de draagkracht van de alimentatieplichtige.

 

Het gaat in essentie om een verstoring van de balans tussen behoefte en draagkracht. Is zo’n relevante wijziging opgetreden, dan dient de alimentatierechter de alimentatie opnieuw vast te stellen onder volledige herbeoordeling van alle relevante omstandigheden (zie o.a. HR 24 september 2010, LJN BM7672).

 

Initiatief bij ex-partner

U bent echter niet verplicht zelf het alimentatiebedrag te verhogen. Het initiatief hiervoor ligt bij de ontvang(st)er. Uw ex-partner kan een verzoek tot herziening, van de hoogte, van de alimentatie indienen bij de rechtbank. Voor een dergelijke procedure dient hij/ zij echter wel een advocaat in te schakelen.

 

Minder gaan verdienen.

Artikel  1:401 lid 1 BW geldt ook wanneer u juist minder bent gaan verdienen. Indien uw draagkracht is gedaald, omdat u minder bent gaan verdienen, heeft u logischerwijze ook minder financiële draagkracht, om aan de behoefte aan alimentatie, van uw ex -partner te voldoen.

 

Verzoek indienen.

Mocht dit geval zijn dan kunt U de rechtbank verzoeken tot verlaging, of nihil-stelling, van de door u te betalen alimentatie. Om een dergelijk verzoek in te dienen heeft u een advocaat nodig.

 

Meer informatie?

Mocht U vragen hebben met betrekking tot bovenstaande, of mocht U zich met een ander juridisch probleem geconfronteerd zien. Neem dan vrijblijvend contact met ons op: 0475 419 419, of stel uw vraag, middels onderstaande button.

 

Stel uw vraag!